Het lezen van de MasnawîLaten we eindigen met de Masnawî, een monumentaal, uniek werk in de wereldliteratuur. We zijn er een tijdje terug al mee begonnen, we hebben het er vaak over gehad en eruit voorgelezen. Hoewel een Mevlevi-sjeich de aangewezen persoon was om uit de Masnawî les te geven, kende men in vele dergah’s – met name in Konya – de functie van de Masnawî chwân, de Masnawî-voorlezer. Er werd bij elke Mevlevi-sjeich uit de Masnawî voorgelezen, tenzij er een reden was om dat niet te doen. Het boek is sinds het werd geschreven over de hele islamitische wereld verspreid en werd gerespecteerd en gewaardeerd door iedereen die er gevoel voor had, die schoonheid kon waarderen, die zijn religieuze kennis wilde verdiepen en met name de mystieke kant ervan in zich op kon nemen. Het wordt, naast de Koran en de tradities van de Profeet, gezien als een primaire bron. In het Ottomaanse rijk werden, met name tijdens de hervormingen in de 17de en 18de eeuw, toen men begon te experimenteren met vernieuwingen, instellingen geopend waar Masnawî-klassen werden gehouden, Dar al-Masnawî genoemd, en begon men in medressa’s en moskeeën les te geven over de Masnawî. Een idjazet, een diploma om de Masnawî te mogen voorlezen en er les in te geven, werd door een tjelebi of een andere Masnawî voorlezer gegeven aan iemand die daarvoor de capaciteiten bezat. Wie dat talent had en de desbetreffende cursussen had gevolgd, mocht dat inderdaad doen nadat hij een diploma (idjazet nama) had ontvangen van een leraar. Een tjelebi kon een Masnawî voorlezer ook machtigen om de tulband (destar) te dragen. Een voorbeeld van zo'n diploma voegen we hier bij. In de naam van God, de oneindig barmhartige erbarmer, alle lof zij Hem, en moge zijn profeet en diens familie gezegend zijn. Ik heb, om te beginnen, sjeich die en die toestemming gegeven om de kennis uit het boek Masnawî-ye-Ma‘nawî over te dragen in de lijn van de exegeet Anqarawî, zoals ik die zelf heb ontvangen van mijn meester, die en die, en meester die en die. Moge God hun geheim bewaren en mogen wij baat hebben bij hun kennis. Amen. Ik ben faqîr die en die en heb hiervoor op dezelfde manier toestemming gegeven als mijn sjeich, want ik lees immers zelf voor uit de Wird, de dagelijkse gebeden van de Mevlevi-derwisjen, en de Masnawî-ye-Ma‘nawî, de verzen met diepe spirituele betekenissen. Moge dit voor altijd blijven uitstromen. Het is niet onbetrouwbaar als astrologie, waarzeggerij of droomuitleg, het is Gods inspiratie die neerdaalt –en God weet wat het beste is. Zo'n diploma werd voorzien van het zegel van de meester. Over de manier waarop de Masnawî werd onderwezen hebben we het al gehad in het hoofdstuk ‘Sama en moqabala’. We vatten dat hier kort samen. Vóór men de Masnawî begon te lezen, zei men: ‛A‛oezhoe billâhi minasj sjaytânir radjîm. Bismillâh arRahmân arRahim. En neem je toevlucht tot God tegen de vervloekte Satan. (Vergelijk Soera an Nahl, De bijen, 16:98) In de naam van God, de oneindig barmhartige erbarmer. (Soera an Naml, De mieren, 27:30) En men eindigde met: în-tjonien farmoed maulânâ-ye mâ kâsjif-e asrâr-hâ-ye kibriyâ: na nadjoem-ast-o na raml-ast-o na khwâb wahi-ye Haqq w-allâhoe a`lam bi ’s-sawâb Onze Mevlana, die de geheimen van Gods grootheid ontsluiert, sprak de volgende woorden:
Laten we afsluiten met wat Mevlâna zelf over de Masnawî heeft gezegd:
|
|
Home|Roemi Kring|Soefisme|Agenda|Artikelen|Boeken|Studiethema’s|Contact |
