OdenGedichten uit de Diwan-e Sjams-e TabrizTeruggekeerd is die maan Ode F. 310 Toelichting bij ode (ghazal) F. 310 In de soefi-traditie is het hart de plek waar mystieke ervaringen plaatsvinden. In deze ghazal wordt Roemi's hart door de liefde verlicht en wordt met de Geliefde verenigt doordat het zich in de oceaan van de geheimen van de Liefde werpt. `Gebraden vlees'(kebab) is een beeld dat Roemi vaak gebruikt om het vuur van het verlangen aan te duiden waarin het hart gaar gesudderd wordt. Sjams oed-Dīn betekent letterlijk `zon van het geloof'. Dit is liefde: opwieken naar de hemel Ode F. 1919 Toelichting bij ode (ghazal) F. 1919 In de mystieke traditie symboliseert waanzin vaak het oplossen van het zelf, dat op zijn beurt het hart van de mysticus opent voor de ware ervaring van de Werkelijkheid. Onze woestijn heeft geen grenzen, Ode F. 239 Toelichting bij ode (ghazal) F. 239 Roemi spreekt ook over de grenzeloze ruimte van lichamelijke en metafysische ervaringen waar een soefi doorheen gaat. Hij gebruikt het beeld van het afgeslagen hoofd dat naar het middelpunt van het mysterie rolt als symbool voor een minnaar die zelfloos en willoos naar de Geliefde toegetrokken wordt. Gaf de hop, de vogel die de boodschapper was tussen Salomo en de koningin van Saba, zijn geheimen maar prijs! (Vergelijk Koran, Soera an-Naml (De mieren), 27:20-45.) Maar je hebt er een goed oor voor nodig om zo'n boodschap te begrijpen, een boodschap die in de zevende hemel wordt onthuld. In de Samenspraak der vogels van Attar - een Perzische dichter en mysticus uit de 12e eeuw - is de hop het symbool van de spirituele leider. Salāh al-Haqq wa'd-Dīn, letterlijk de `Zegeningen en de Waarheid van het Geloof', is tevens de koosnaam van Salāh oed-Dīn Faridoen Zarqoeb. Een dubbele bodem dus. Salāh oed-Dīn Faridoen Zarqoeb was eerst Roemi's vriend en later - nadat Roemi had geaccepteerd dat Sjams oed-Dīn waarschijnlijk dood was - de bron van spirituele inspiratie voor hemzelf en zijn leerlingen. Volgens sultan Weled, Roemi's zoon, sprak zijn vader als volgt over Salah oed-Dīn: `Die Sjams oed-Dīn over wie we steeds spraken is naar ons teruggekeerd. Wat zitten we nu te dromen! Hij is teruggekomen in een nieuw gewaad en stapt nu pronkend in zijn schoonheid rond. Uit: Woorden van het paradijs |
|
Home|Roemi Kring|Soefisme|Agenda|Artikelen|Boeken|Studiethema’s|Contact |
